Aandeelhoudersvergadering


 

‘De groei van de CVRM-keten was spannend, maar succesvol’

De zuidwestelijke punt van Friesland: een uitgestrekt gebied, zonder grote stad. Hoe kunnen we spoedeisende huisartsenzorg daar organiseren? In 2016 onderzocht Dokterswacht Friesland hiervoor een aparte werkvorm. Theo Bakker, lid van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA), hield het in de gaten. Ook volgde de AVA, als vertegenwoordiging van alle huisartsen, de groei van Ketenzorg Friesland en alle andere ontwikkelingen binnen de holding.

Wat was de aanleiding voor een proef in het zuidwesten van de provincie?

‘Huisartsen in wat wij noemen de “kleine Zuidwesthoek” van Friesland hadden zich nog maar net aangesloten bij de Dokterswacht en de angst bestond dat we patiënten in dit uitgestrekte gebied niet snel genoeg konden bedienen. Er is geëxperimenteerd met een satellietpost in Koudum en een visite-auto die gestationeerd was in de regio.’

Was de proef een succes?

‘Het werkte, maar er was te weinig zorgvraag voor deze manier van werken. In een weekend meldden zich soms maar vijf patiënten. En daarvoor moest er wel continu een huisarts aanwezig zijn. Uit een enquête bleek ook dat de helft van de inwoners het niet bezwaarlijk vond om voor spoedeisende huisartsenzorg naar Sneek te rijden. Bijkomend voordeel: mochten ze zorg nodig hebben die de huisarts niet kan bieden, kunnen ze via het spoedplein direct door naar de spoedeisende hulp van het ziekenhuis.’

Wat is de rol van de AVA in zo’n geval?

‘De proef werd georganiseerd door de Dokterswacht, en geëvalueerd door een onafhankelijke commissie van huisartsen en management van Dokterswacht Friesland. Wij hebben de proef gevolgd en de conclusie van de commissie gevolgd. We hebben ingestemd met het opheffen van de post in Koudum.’

Wat viel er nog meer op in 2016?

‘Belangrijk item was de mogelijke overname van het Huisartsen Laboratorium (HAL) door Dokterszorg Friesland. Als AVA hebben wij de resultaten van het overname-onderzoek op de voet gevolgd, en hebben steeds een rol gespeeld in de besluitvorming. Hiernaast hebben we de ontwikkelingen steeds gedeeld met de leden van de Ondernemende Huisartsenvereniging Friesland (OHF). Friese huisartsen op de hoogte houden is een belangrijke rol van de AVA, waarin we nog stappen moeten zetten. Op basis van toekomstvisie en bedrijfseconomische argumenten is de overname uiteindelijk niet doorgegaan.

De aanbesteding van het huisartsenvervoer bleef natuurlijk ook niet onopgemerkt. Voor betrokken personeel was het een uitermate vervelende zaak en ook huisartsen ervaarden dit proces als lastig. Als AVA-leden zijn we er door veel collega’s op aangesproken. De AVA had wel een medeverantwoordelijkheid, maar geen bevoegdheid of mogelijkheden om het aanbestedingsproces te beïnvloeden.

In positieve zin viel de doorontwikkeling van Ketenzorg Friesland op. In 2015 was de keten Cardiovasculair Risicomanagement (CVRM) opgestart. Hierbij sloten zich in 2016 veel nieuwe huisartsen aan. Het was spannend of de organisatie zo’n groot project kon dragen. De AVA heeft het op de voet gevolgd en gezien dat de groei van de keten in goede banen is geleid.’

Hoe verliep de samenwerking met de holding?

‘Positief. De werving van een nieuwe directeur is in goede samenspraak verlopen. Daarnaast hebben we de banden met de Raad van Commissarissen (RvC) aangehaald. We overleggen nu één of twee keer per jaar om van elkaar te horen wat ons bezighoudt, wat we vinden en of we op één lijn zitten. Het is goed dat AVA en RvC op deze manier sterker verbonden zijn.’